NL2016668A - Video detail image of the track geometry. - Google Patents

Video detail image of the track geometry. Download PDF

Info

Publication number
NL2016668A
NL2016668A NL2016668A NL2016668A NL2016668A NL 2016668 A NL2016668 A NL 2016668A NL 2016668 A NL2016668 A NL 2016668A NL 2016668 A NL2016668 A NL 2016668A NL 2016668 A NL2016668 A NL 2016668A
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
camera
lamps
lamp
flash
rail
Prior art date
Application number
NL2016668A
Other languages
Dutch (nl)
Other versions
NL2016668B1 (en
Inventor
Jagtenberg Hans
Original Assignee
Volkerrail Nederland Bv
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Volkerrail Nederland Bv filed Critical Volkerrail Nederland Bv
Publication of NL2016668A publication Critical patent/NL2016668A/en
Application granted granted Critical
Publication of NL2016668B1 publication Critical patent/NL2016668B1/en

Links

Landscapes

  • Train Traffic Observation, Control, And Security (AREA)

Abstract

De uitvinding heeft betrekking op een meettrein met een optisch systeem met middelen voor het maken van video detailbeelden van een gebied van de bovenbouw van een spoorweg dat zich recht onder de meettrein bevindt. Vijf flitslampen en twee area camera’s hangen boven een spoorstaaf. Er zijn buitenste flitslampen, binnenste flitslampen, een centrale flitslamp, een buitenste camera, een binnenste camera. Een flitslamp hangt gecentreerd verticaal boven de geassocieerde spoorstaaf.The invention relates to a measuring train with an optical system with means for making detailed video images of an area of the superstructure of a railway that is located directly below the measuring train. Five flash lamps and two area cameras hang above a rail. There are outer flashlights, inner flashlights, a central flashlight, an outer camera, an inner camera. A flash lamp is centered vertically above the associated rail.

Description

Video detailbeeld van de spoorgeometrie.Video detail image of the track geometry.

De kwaliteit van de spoorgeometrie van de bovenbouw van het, bijvoorbeeld Nederlandse, spoorwegnet voor vervoer van personen en/of goederen wordt periodiek gemeten. De geassocieerde informatie wordt verkregen uit meetdata, welke wordt geproduceerd behulp van meettreinen en wisselinspectievoertuigen voor het geautomatiseerd meten van de spoorgeometrie van de bovenbouw van de spoorbaan. Door voortgaande technische ontwikkelingen wordt het populaire schouwen op afstand, waarbij de schouwende persoon (de zgn. analist) op kantoor vanaf een beeldscherm, in tijd ontkoppeld, de schouw doet, steeds verder verbeterd en uitgebreid.The quality of the track geometry of the superstructure of the, for example Dutch, rail network for transport of people and / or goods is measured periodically. The associated information is obtained from measurement data, which is produced using measurement trains and switch inspection vehicles for the automated measurement of the track geometry of the superstructure of the railway track. Due to ongoing technical developments, the popular remote viewing, whereby the viewing person (the so-called analyst) at the office from a screen, disconnected in time, does the inspection, is constantly further improved and expanded.

De met de meettrein en wisselinspectievoertuig verkregen data moet de spoorwegbeheerder in staat stellen de volgende defecten en spoorstaafonderbrekingen te vinden via schouwen op afstand: 1. Ontbrekende bevestigingsmiddelen met vaststelling van type; 2. plaats van een elektrische scheidingslas; 3. uitbrokkelingen; 4. scheuren; 5. indrukkingen (zoals kogelgaatjes); 6. slip / brandplekken.The data obtained with the measurement train and change-over inspection vehicle must enable the railway manager to find the following defects and rail interruptions via remote inspection: 1. Missing fasteners with type determination; 2. location of an electric separation weld; 3. crumbles; 4. cracks; 5. impressions (such as bullet holes); 6. slip / burn marks.

De meettrein moet de correcte meetdata onafhankelijk van verschillende weersomstandigheden kunnen verkrijgen. Deze weersomstandigheden zijn: buitentemperaturen tussen -20 en +40 °C; regen tot een intensiteit van 27 mm/uur; mist of sneeuwval met een zicht van minimaal 100 m; zo lang de spoorweg niet in een dichte sneeuwlaag ligt; zowel bij nacht als bij dag, vrij van invloed van licht uit de omgeving (dus een opname gemaakt in de nacht of op een zonnige dag of zwaarbewolkte dag levert dezelfde resultaten).The measurement train must be able to obtain the correct measurement data independently of different weather conditions. These weather conditions are: outside temperatures between -20 and +40 ° C; rain up to an intensity of 27 mm / hour; fog or snowfall with a visibility of at least 100 m; as long as the railroad is not in a thick layer of snow; both by night and by day, free from the influence of light from the environment (so a shot made at night or on a sunny day or overcast day gives the same results).

Er wordt mede gebruik gemaakt van met een camera gemaakte videobeeldopnamen die op een beeldscherm kunnen worden gepresenteerd als een foto of film van de spoorweg of deel ervan, zodat op het beeldscherm een zo goed mogelijk met de werkelijkheid overeenstemmende indruk wordt gegeven aan de analist. Dit stelt eisen aan de door het beeldscherm geboden beeldkwaliteit zowel bij het afspelen als film, als bij het bekijken van individuele, stilstaande beelden.Use is also made of video image recordings made with a camera that can be presented on a screen as a photograph or film of the railway or part thereof, so that the screen is given the analyst as closely as possible to reality. This places demands on the image quality offered by the screen, both during playback and film, and when viewing individual still images.

De videobeeldopname moet zodanig kunnen worden getoond op het beeldscherm dat een goede visuele inspectie mogelijk is. De beelden dienen scherp te zijn. Wanneer een beeldopname wordt samengesteld uit de opnamen van twee of meer camera's, dienen de beelden van deze camera's uitgelijnd te worden, zodat dezelfde plek wordt getoond. De videobeeldopname moet goed zijn bij elke rijsnelheid tot ongeveer 100 km/u voor de vrije baan en tot ongeveer 50 km/u op een wissel en dient zich te lenen voor geautomatiseerde beeldherkenning (visual edging technology), zoals onderdelen herkenning, schade herkenning, degradatie herkenning.The video image recording must be able to be displayed on the screen in such a way that a good visual inspection is possible. The images must be sharp. When an image recording is made from the recordings of two or more cameras, the images from these cameras must be aligned so that the same location is displayed. The video image recording must be good at any driving speed up to approximately 100 km / h for the free lane and up to approximately 50 km / h on a switch and must be suitable for automated image recognition (visual edging technology), such as component recognition, damage recognition, degradation recognition.

Een complicerende factor is de meettrein die tijdens het rijden slingerende, stampende en rollende bewegingen maakt doordat de rijwielen verend zijn opgehangen. Montage van het meetsysteem aan het onafgeveerde deel van de meettrein, zoals de wielassen sluit deze bewegingen uit, echter is niet altijd mogelijk of wenselijk, bijvoorbeeld doordat trillingsproblemen worden geïntroduceerd. Bij montage van het meetsysteem aan het afgeveerde gedeelte van de meettrein, zoals de wagenbodem, dient rekening te worden gehouden met bijvoorbeeld in- en uitveren van de wielophanging, waardoor bijvoorbeeld de afstand en kijkhoek tussen het meetsysteem (zoals camera's en lampen) en het te fotograferen spoor en ballastbed continu varieert.A complicating factor is the measurement train that makes swinging, pounding and rolling movements while driving because the bicycles are suspended in a suspension manner. Mounting the measuring system on the non-sprung part of the measuring train, such as the wheel axles, excludes these movements, but it is not always possible or desirable, for example because vibration problems are introduced. When mounting the measuring system on the sprung part of the measuring train, such as the floor of the vehicle, allowance must be made, for example, for the wheel suspension to spring in and out, so that, for example, the distance and viewing angle between the measuring system (such as cameras and lamps) and the photographing track and roadbed varies continuously.

Voor het detailbeeld dient ook te worden voldaan aan de volgende eisen: kleurenbeelden van de binnenzijde van elke spoorstaaf, opgenomen in een hoek van +/-30 graden en met een resolutie van minimaal 1,0x1,0 mm van het object; kleurenbeelden van de buitenzijde van elke spoorstaaf, opgenomen in een hoek van +/-40 graden en met een resolutie van minimaal 1,0x1,0 mm van het object; opname van een zodanig oppervlak dat het bereden deel van een kruisstuk van een Engelsman in maximaal 2 ritten goed zichtbaar te maken is.For the detail image, the following requirements must also be met: color images of the inside of each rail, taken at an angle of +/- 30 degrees and with a resolution of at least 1.0x1.0 mm of the object; color images of the outside of each rail, taken at an angle of +/- 40 degrees and with a resolution of at least 1.0x1.0 mm from the object; recording of such a surface that the traveled part of an Englishman's crosspiece can be clearly seen in a maximum of 2 journeys.

Het doel van de uitvinding is het verschaffen van een video detailbeeld waarmee aan de bovenstaande eisen wordt voldaan op betrouwbare, duurzame, betaalbare, milieuvriendelijke en reproduceerbare wijze.The object of the invention is to provide a video detail image with which the above requirements are met in a reliable, durable, affordable, environmentally friendly and reproducible manner.

Daartoe wordt één of meer van het volgende voorgesteld: een digitale matrix camera (zgn. area camera) of line scan camera; een camera van CMOS of CCD type; een camera met een resolutie van minimaal 600x400, bij voorkeur minimaal 1000x1000, met meer voorkeur minimaal 1500x1000, bijvoorbeeld ongeveer 1600x1200 (of equivalente resolutie voor line scan); een kleurencamera; per spoorstaaf minimaal of precies twee camera's die zijn uitgelijnd en gefocust op hetzelfde opnamegebied van de spoorweg; per spoorstaaf minimaal of precies één of twee of drie of vier of vijf lampen, bij voorkeur flitslampen, bij voorkeur ieder in een eigen behuizing en/of met wederzijdse tussenruimte; een lamp bevat LED's in een tweedimensionaal patroon; een lamp bevat minimaal vijf parallel naast elkaar lopende lijnen (bijvoorbeeld met een lengte minimaal 5 of 10 of 15 cm en/of maximaal 30 of 40 of 50 cm) LED's met per lijn een groot aantal, bij voorkeur minimaal 20 (bijvoorbeeld 26) LED' s per 200 millimeter lijnlengte; de LED' s zijn van SMD-type; iedere LED geeft witblauw licht; minimaal één lamp hangt recht boven de geassocieerde spoorstaaf en is bij voorkeur recht naar beneden gericht; minimaal één lamp hangt opzij boven de geassocieerde spoorstaaf en is bij voorkeur onder een hoek tussen horizontaal en verticaal gericht, bijvoorbeeld onder ongeveer dezelfde hoek als de geassocieerde camera; een camera heeft minimaal één of twee eigen lampen; een camera deelt minimaal één lamp met een andere camera; een camera kijkt door de spleet tussen minimaal twee geassocieerde lampen, bij voorkeur lampen die eigen zijn voor de camera; er is een regeleenheid om het flitsen van de lampen te regelen volgens een vooraf bepaald programma; bepaald door de regeleenheid staan de met de ene camera geassocieerde lamp(en) aan op een regeltijdstip terwijl op hetzelfde regeltijdstip de met de andere camera geassocieerde lamp(en) uit staan, en omgekeerd, welk tijdstip is bepaald door de regeleenheid, de met de ene camera geassocieerde lamp(en) flitsen gelijktijdig op een tijdstip nadat de met de andere camera geassocieerde lampen zijn uitgeflitst, bij voorkeur na verstrijken van een pauze-tijd; de lamp (en) die gemeenschappelijk zijn voor de ene en andere camera flitsen gelijktijdig met de lamp (en) die eigen zijn voor de ene respectievelijk de andere camera; de flitsduur voor de gemeenschappelijke lamp(en) is langduriger dan voor de camera-eigen lamp (en) , bij voorkeur minimaal 10% langduriger, waarbij bij voorkeur het flitsen ervan gelijk start met de respectieve camera-eigen lampen en bij voorkeur doorgaat tijdens de pauzetijd, bij voorkeur een deel van de pauzetijd; in bovenaanzicht gezien staan een lamp en twee camera' s op één lijn loodrecht op de lengterichting van de spoorstaaf en/of een camera tussen twee lampen op één lijn evenwijdig aan de lengterichting van de spoorstaaf; de lampen en camera's zijn ingebouwd in een opwaarts en rondom opzij in hoofdzaak lichtdichte behuizing, naar onderen toe voldoende open om het lamplicht ongehinderd op het spoor te laten schijnen en de camera's ongehinderd beeldopnamen van het door de lampen verlichte deel van het spoor te maken; voor de camera geldt: belichtingstijd bijvoorbeeld 13mu s = 1 pixel verschuiving bij 100 km/u, 26mu s = 1 pixel verschuiving bij 50 km/u, 50mu s = 1 pixel verschuiving bij 26 km/u (mu = micro = 1 miljoenste); voor de lampen geldt dat hun werking, zoals flitsduur, lichtsterkte, flitstempo, voor iedere rijsnelheid gelijk is; binnen de belichtingstijd maximaal 2 pixels verschuiving toegestaan; gemeenschappelijke flitsduur waarbinnen met tijdafstand na elkaar de binnen- en buitenlamp flitst en de camera belichtingstijd loopt terwijl de geassocieerde binnen-of buitenlamp flitst, waarbij de flitsduur van de binnen- of buitenlamp minimaal gelijk is aan de maximaal selecteerbare camera belichtingstijd; hoe hoger de rijsnelheid hoe korter de belichtingstijd van de camera's, dit wordt bij voorkeur gecombineerd met een met toename van de rijsnelheid toenemende versterking van het van de camera afkomstige beeldsignaal (de "gain"), voor goede beeldkwaliteit; vrije uiteinde van lens van camera bevindt zich op hoger niveau dan voorvlak flitslamp, bijvoorbeeld minimaal 1 of 5 cm en/of maximaal 10 of 20 of 30 cm; focal length minimaal 4 en/of maximaal 12 mm, bijvoorbeeld 6 of 8 mm; diafragma range minimaal F1.4 of F2 en/of maximaal F22 of F5.6, bijvoorbeeld F2.8 of F4; afstand vrije uiteinde lens tot oppervlak balastbed minimaal 500 en maximaal 800 of 1000 mm, bijvoorbeeld ongeveer 600 mm; versterking minimaal 10 of 15 dB en/of maximaal 25 of 30 dB, bij voorkeur 20 dB; flitslamp VTR2 (fabrikant: Gardasoft) ; camera gamma minimaal 0,4 of 0,55 en/of maximaal 0,65 of 0,7 of 0,9, bijvoorbeeld 0,6 of 0,61.To this end, one or more of the following is proposed: a digital matrix camera (so-called area camera) or line scan camera; a camera of CMOS or CCD type; a camera with a resolution of at least 600 x 400, preferably at least 1000 x 1000, more preferably at least 1500 x 1000, for example about 1600 x 1200 (or equivalent line scan resolution); a color camera; per rail at least or precisely two cameras that are aligned and focused on the same recording area of the railroad; per rail at least or exactly one or two or three or four or five lamps, preferably flash lamps, preferably each in its own housing and / or with mutual space; a lamp contains LEDs in a two-dimensional pattern; a lamp contains at least five parallel lines running parallel (for example with a length of at least 5 or 10 or 15 cm and / or at most 30 or 40 or 50 cm) LEDs with a large number per line, preferably at least 20 (for example 26) LED 's per 200 millimeter line length; the LEDs are of SMD type; each LED gives white blue light; at least one lamp hangs directly above the associated rail and is preferably directed straight down; at least one lamp hangs sideways above the associated rail and is preferably directed at an angle between horizontal and vertical, for example at approximately the same angle as the associated camera; a camera has at least one or two lamps of its own; a camera shares at least one lamp with another camera; a camera looks through the gap between at least two associated lamps, preferably lamps that are specific to the camera; there is a control unit for controlling the flashing of the lamps according to a predetermined program; determined by the control unit, the lamp (s) associated with the one camera are on at a control time point, while at the same control time point the lamp (s) associated with the other camera are off, and vice versa, which time point is determined by the control unit, the one camera associated lamp (s) flash simultaneously at a time after the lamps associated with the other camera have flashed out, preferably after a pause time has elapsed; the lamp (s) that are common to the one and other cameras flash simultaneously with the lamp (s) that are specific to the one and the other camera respectively; the flash duration for the common lamp (s) is longer than for the camera-specific lamp (s), preferably at least 10% longer, whereby the flashing thereof starts simultaneously with the respective camera-specific lamps and preferably continues during the break time, preferably a part of the break time; seen in top view, a lamp and two cameras are on a line perpendicular to the longitudinal direction of the rail and / or a camera between two lamps on a line parallel to the longitudinal direction of the rail; the lamps and cameras are built into an upward and all-round side substantially light-tight housing, open enough downwards to allow the lamp light to shine unimpeded on the track and to allow the cameras to take unimpeded images of the part of the track illuminated by the lamps; the following applies to the camera: exposure time, for example, 13 mu s = 1 pixel shift at 100 km / h, 26 mu s = 1 pixel shift at 50 km / h, 50 mu s = 1 pixel shift at 26 km / h (mu = micro = 1 millionth) ; for the lamps, their operation, such as flash duration, light intensity, flash rate, is the same for every driving speed; a maximum of 2 pixels shift allowed within the exposure time; common flash duration within which the indoor and outdoor lamp flashes one after the other and the camera exposure time runs while the associated indoor or outdoor lamp flashes, the flash duration of the indoor or outdoor lamp being at least equal to the maximum selectable camera exposure time; the higher the travel speed the shorter the exposure time of the cameras, this is preferably combined with an increase of the travel speed increasing the image signal (the "gain") from the camera, for good image quality; free end of camera lens is at a higher level than front face flash lamp, for example a minimum of 1 or 5 cm and / or a maximum of 10 or 20 or 30 cm; focal length at least 4 and / or at most 12 mm, for example 6 or 8 mm; diaphragm range minimum F1.4 or F2 and / or maximum F22 or F5.6, for example F2.8 or F4; distance free end lens to surface balast bed minimum 500 and maximum 800 or 1000 mm, for example approximately 600 mm; gain a minimum of 10 or 15 dB and / or a maximum of 25 or 30 dB, preferably 20 dB; flash lamp VTR2 (manufacturer: Gardasoft); camera range at least 0.4 or 0.55 and / or at most 0.65 or 0.7 or 0.9, for example 0.6 or 0.61.

De bijgaande tekening toont één van de vele tot de uitvinding behorende uitvoeringen. Daarbij toont:The accompanying drawing shows one of the many embodiments of the invention. It shows:

Fig. 1 vijf flitslampen en twee area camera's boven een spoorstaaf;FIG. 1 five flash lamps and two area cameras above a rail;

Fig. 2 het vooraanzicht van fig. 1, voor beide spoorstaven van een spoorweg;FIG. 2 the front view of fig. 1, for both rails of a railroad;

Fig. 3 het bovenaanzicht van fig. 2;FIG. 3 is the top view of FIG. 2;

Fig. 4 de lichtdichte behuizing die onder de meettrein, naast de bogies hangt, pijl P geeft de rijrichting aan.FIG. 4 the light-tight housing that hangs under the measurement train, next to the bogies, arrow P indicates the direction of travel.

Fig. 5 een zijaanzicht van een lamp en camera;FIG. 5 a side view of a lamp and camera;

Fig. 6 het vooraanzicht van de fig. 5 eenheid;FIG. 6 is the front view of the FIG. 5 unit;

Fig. 7 in zijaanzicht twee lampen en een camera;FIG. 7 a side view of two lamps and a camera;

Fig. 8 het vooraanzicht van de fig. 7 eenheid;FIG. 8 the front view of the FIG. 7 unit;

Fig. 9 in zijaanzicht vier lampen en een camera;FIG. 9 shows four lamps and a camera in side view;

Fig. 10 het vooraanzicht van de fig. 9 eenheid;FIG. 10 is the front view of the FIG. 9 unit;

Fig. 11 een tijddiagram.FIG. 11 a time diagram.

Fig. 1-3 tonen buitenste flitslampen 1, binnenste flitslampen 2, centrale flitslamp 5, buitenste camera 3, binnenste camera 4. Flitslampen 1 en 2 zijn gericht op het gebied van het spoor dat door de recht naar beneden schijnende flitslamp 5 wordt verlicht. Flitslamp 5 hangt gecentreerd verticaal boven de geassocieerde spoorstaaf.FIG. 1-3 show outer flash lamps 1, inner flash lamps 2, central flash lamp 5, outer camera 3, inner camera 4. Flash lamps 1 and 2 are aimed at the area of the track illuminated by the flash lamp 5 that looks downwards. Flash lamp 5 is centered vertically above the associated rail.

Bij fig. 7 hangt één centrale flitslamp vertikaal boven de geassocieerde spoorstaaf en schijnt recht naar beneden, de camera en twee additionele flitslampen hangen opzij van de spoorstaaf en zijn gericht op het door de centrale flitslamp gerichte gebied van de spoorweg.In Fig. 7, one central flash lamp hangs vertically above the associated rail and shines straight down, the camera and two additional flash lamps hang sideways from the rail and are directed to the area of the railroad directed by the central flash lamp.

Bij fig. 9 hangen twee centrale flitslampen vertikaal boven de geassocieerde spoorstaaf en schijnen schuin naar beneden op een gemeenschappelijk gebied van de rail en zijn omgeving, de camera en twee additionele flitslampen hangen opzij van de spoorstaaf en zijn gericht op het door de centrale flitslampen gerichte gebied van de spoorweg.In Fig. 9, two central flash lamps hang vertically above the associated rail and shine obliquely downwards onto a common area of the rail and its environment, the camera and two additional flash lamps hang sideways from the rail and are directed towards the central flash lamps directed by the central flash lamps. area of the railroad.

Fig. 11 toont de timing van het flitsen van de flitlampen en de belichting van de camera's. De centrale flitslamp 5 brandt 160 mu s, gedurende welke de flitslampen 1 en 2 ieder 70 mu s branden, de lampen 1 gedurende de eerste en de lampen 2 gedurende de tweede helft van de flitsduur van lamp 5. In de tijd dat de lampen 1 of 2 branden vindt bij de geassocieerde camera's 3 en 4 de belichting plaats waarvan de duur afhankelijk is van de rijsnelheid van de meettrein. In dit voorbeeld een belichting van 15 (centrale gebied in getrokken lijn), 24 (linker gestippelde gebied erbij) of 50 mu s (linker en rechter gestippelde gebied erbij).FIG. 11 shows the timing of flashing of the flashlights and the exposure of the cameras. The central flash lamp 5 burns 160 mu s, during which the flash lamps 1 and 2 each burn 70 mu s, the lamps 1 during the first and the lamps 2 during the second half of the flash duration of lamp 5. During the time that the lamps 1 or 2 fires, the associated cameras 3 and 4 are exposed to exposure, the duration of which depends on the speed of the measuring train. In this example an exposure of 15 (central area in solid line), 24 (left dotted area added) or 50 mu s (left and right dotted area added).

Tot de uitvinding behoren vele uitvoeringen. Een maatregel vormt, individueel of in de combinatie met andere maatregelen zoals hier geopenbaard, de uitvinding, eventueel in combinatie met één of meer van de andere hier geopenbaarde maatregelen, individueel of in de combinatie met andere maatregelen,. Zodoende is het bedoeld dat hierin een basis is voor iedere maatregel individueel, separaat van de combinatie waarin deze hier is geopenbaard, om zelfstandig of willekeurig in combinatie met één of meer andere hier geopenbaarde maatregelen, de basis te vormen voor een octrooiconclusie.Many embodiments belong to the invention. A measure forms, individually or in combination with other measures as disclosed herein, the invention, optionally in combination with one or more of the other measures disclosed here, individually or in combination with other measures. Thus, it is intended that herein be a basis for each measure individually, separately from the combination in which it is disclosed here, to independently or randomly in combination with one or more other measures disclosed herein, form the basis for a patent claim.

Claims (1)

Meettrein met een optisch systeem met middelen voor het maken van video detailbeelden van een gebied van de bovenbouw van een spoorweg dat zich recht onder de meettrein bevindt.Measuring train with an optical system with means for making video detailed images of an area of the superstructure of a railroad that is located directly below the measuring train.
NL2016668A 2015-04-24 2016-04-25 Video detail image of the track geometry. NL2016668B1 (en)

Applications Claiming Priority (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2014719 2015-04-24

Publications (2)

Publication Number Publication Date
NL2016668A true NL2016668A (en) 2016-10-24
NL2016668B1 NL2016668B1 (en) 2018-12-07

Family

ID=57793774

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2016668A NL2016668B1 (en) 2015-04-24 2016-04-25 Video detail image of the track geometry.

Country Status (1)

Country Link
NL (1) NL2016668B1 (en)

Also Published As

Publication number Publication date
NL2016668B1 (en) 2018-12-07

Similar Documents

Publication Publication Date Title
JP7261527B2 (en) Systems and methods for determining defects in physical objects
CN100420592C (en) Automatic vehicle exterior light control system
TWI302879B (en) Real-time nighttime vehicle detection and recognition system based on computer vision
CN102470793B (en) Method and apparatus for the Key dithering based on spacing of light changing features
US11178353B2 (en) System and method for processing streamed video images to correct for flicker of amplitude-modulated lights
US6373378B1 (en) Arrangement for visualizing the illumination of a zone in front of a vehicle by a headlight
CN103907011A (en) Attached matter detector and vehicle equipment control apparatus
CN103373274A (en) Method and headlamp assembly for compensation of alignment errors of a headlamp
CN204882391U (en) Damaged automatic identification equipment in vehicular road surface based on image processing
DE102017211430A1 (en) Controlling a pixel headlamp of a motor vehicle arranged on a travel path
CN112969025A (en) Image acquisition method, image acquisition device, image processing module, image processing system and storage medium
WO2023028714A1 (en) Vehicle occupancy detection system
JP6555569B2 (en) Image processing apparatus, mobile device control system, and image processing program
EP3088274B1 (en) Video detail image of the track geometry
ES2286423T3 (en) METHOD FOR DETERMINING THE VISIBILITY RANGE AND METHOD FOR DETECTING THE PRESENCE OF FOG.
NL2016668B1 (en) Video detail image of the track geometry.
CN106128112B (en) Night bayonet vehicle identifies grasp shoot method
NL2016670B1 (en) Video surface images of a rail.
NL2016669B1 (en) Video overall picture of the track geometry.
GB2372314A (en) Contrast luminance measuring apparatus and method
AU2016202050A1 (en) Distance measuring of vehicles
JP2016146583A (en) Imaging device, mobile apparatus control system and program
RU149083U1 (en) DEVICE FORMING DATA FOR IDENTIFICATION OF RAILWAY VEHICLE
WO2017038124A1 (en) Offense stopping device and offense stopping system provided therewith
DE102015109132A1 (en) Apparatus and method for displaying an image of the environment in haze or fog and vehicle with the device

Legal Events

Date Code Title Description
PD Change of ownership

Owner name: VOLKERWESSELS INTELLECTUELE EIGENDOM B.V.; NL

Free format text: DETAILS ASSIGNMENT: CHANGE OF OWNER(S), ASSIGNMENT; FORMER OWNER NAME: VOLKERRAIL NEDERLAND B.V.

Effective date: 20200317